De ECB voert al jaren een lage-rentebeleid. Hierdoor is het verschil tussen het rendement op obligaties en het toprendement op woningen minimaal 2,8%. Dit betekent dat investeerders steeds vaker kiezen voor woningen als belegging in plaats van obligaties. Dit geldt niet alleen voor Nederlandse beleggers, ook investeerders uit het buitenland hebben Nederland gevonden als interessante beleggingsmarkt.



Groeiende woningproductie biedt investeringskansen
Gemeenten hebben in de afgelopen jaren aangestuurd op een groter aandeel vrije huursector woningen bij nieuwbouw. Dit heeft alleen al in 2017 geleid tot 50% meer verstrekte vergunningen. Ook in 2018 zet deze ontwikkeling door en is er een duidelijke trendbreuk met het verleden toen de vrije huursector klein was. De aanleiding hiervoor is de groeiende vraag vanuit consumenten die steeds vaker voor dit type woning kiezen. Dit komt onder andere door de veranderingen rondom de hypotheekrenteaftrek. Deze groeiende woningproductie biedt investeringskansen voor beleggers. Zij vinden dit segment aantrekkelijk vanwege het beperkte risico door constante huurinkomsten en potentieel stijgende huurprijzen. 

Aanvangsrendementen dalen verder in 2019
De zoektocht naar rendement dwingt beleggers naar buiten de grote steden. Om aan dit populaire beleggingsproduct te komen, zijn beleggers bereid een hoge prijs te betalen. De dalende bruto aanvangsrendementen die hierdoor ontstaan, waren al langer zichtbaar in en rondom de grote steden in de Randstad. Met zelfs uitschieters van 3,5% in Amsterdam. De verwachting is dat de aanvangsrendementen in 2019 in het hele land verder dalen. Beleggers breiden namelijk hun zoekgebied steeds verder uit om meer rendement te behalen. Inmiddels is het aandeel van woningbeleggingen buiten de vier grootste steden (G4) in de laatste drie jaar gestegen van 58 naar 69%. In het merendeel van de twintig grootste steden (G20) ligt het top bruto aanvangsrendement inmiddels onder de 5%.

Hoogste rendement in Schiedam
Elke belegger heeft haar eigen strategie met een bijbehorend risicoprofiel. Woningbeleggers die risicomijdend zijn, kunnen het best terecht in Amstelveen, gevolgd door Haarlem en Haarlemmermeer. De belangrijkste reden hiervoor is de verwachte groei van het type huishoudens dat op zoek is naar vrije sector huurwoningen. Ook minder grote schommelingen in de woningprijzen zorgen voor een beter beleggingsklimaat dan bijvoorbeeld in Amsterdam. Voor beleggers die bereid zijn om meer risico te lopen, is Schiedam de meest lucratieve bestemming. Hier kan van 50 grote gemeenten in Nederland het hoogste rendement worden behaald.